STRV 103 S

Beste mede leden,

Eén van onze leden is bezig met een soortgelijk model.
Aangezien ik dit model al heb eens heb gebouwd ( ongeveer 3 jaar geleden ) en hen via een PM heb beloofd de foto´s eens te plaatsen voor hem om al referentie te kunnen dienen zal ik dat dan maar even doen.
Let wel het zijn veel foto´s.

Ook heb ik destijds een kort bouw verslag geschreven van dit model.

Ik hoop dat julle er wat mee kunnen.

Ik heb voor het gemak alle foto´s in Thumb hier geplaatst ivm met de ruimte binnen dit forum.

~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~

SWEDISH STRV-103-S GEVECHTS TANK

ONDERDELEN GEBRUIKT :

TRUMPETER'S SWEDEN STRV 103 C MBT IN 1:35
EDUARD'S PE SET NO : 35 538 / 35 544
TAMIYA'S EXTRA THIN CEMENT
TAMIYA'S PUTTY
KS'S'-VIELZWECK KLEBER EN KS'S KS-RAPID
EVERGREEN 1MM ROND

VERF KLEUREN : HUMBROLL : 29 , 33 , 53, 65, 67 , 151, 173
TAMIYA :
VAN GOGH : 403 , 105 , 209

PIGMENTEN : NONE


Na weer een tijdje afwezig te zijn geweest van het modelbouwfront heb ik mij toch weer laten verleiden tot het maken van een weer wat afijkend model.
Zoals ik al eerder in eerdere artiklen heb aan gegeven ben ik een fervent liefhebber van de kleinere tanks.
Zo viel mijn oog op dit model.
Maar zoals altijd ben ik voor ik een model aanschaf eerst gaan zoeken op het internet naar nuttige informatie en of er ook update sets voor te krijgen zijn.
Na een korte zoektocht kwam ik al snel bij Eduard terecht en zag daar twee update sets.
Dus vanuit daar gaat een beetje modelbower al weer snel op zoek naar een andere internet site waar je dit spul naturlijk weer goedkoper kan krijgen.
Omdat ik heel veel spullen en modellen vaak bj dezelfde leverancier koop heb ik nadat ik er zeker van was dat allles op voorraad was alles dus besteld bij Plasticmodelbouw.nl
Voordeel van deze leverancier is dat als hij op voorraad heeft je het een dag later in huis hebt.
Omdat ik het model dus ga uit rusten met P.E. is het dus noodzaak dat ik zoveel mogelijk achtergrond info verzamel als nodig is.
Dit is nodig omdat ik precies wil weten waar en hoe het eventuele aan te brengen P.E. op het voertuig zit gemonteerd.Een handig hulp middel is dan om op het internet te gaan zoeken naar een zo geheten "walk trough " .
Deze walktrougs zijn als je en beetje gaat zoeken op het internet makkelijk te vinden.
Elke soort van info kan je als het voorhanden is vinden over elk voertuig want er zijn altijd mensen die heel veel shows en evenementen bezoeken en dan vaak een uitgebreidde foto reportage van een voertuig maken en dit dan weer verwerken in een internet site.
Ook kwam ik diverse filmpjes tegen met het betreffende voertuig in actie en nog wat interessante informatie.

Eerst maar eens even wat achtergrond informatie.

De Strv 103S-tank is een typisch Zweeds ontwerp. Nergens op de wereld kwam je een dergelijk voertuig tegen bij een landelijke strijdkracht.
Bij het ontwerp van deze tank moest met zoals altijd rekening houden met een budget.Maar er is ook een diepgaande studie aan vooraf. gegaan over treffers op tanks en verwondingen bij bemannings leden.
Er bleek een hoog percentage verwoeste koepels en kanonnen te zijn, maar relatief weinig treffers beneden een hoogte van 1 meter.
Zweden besloot daarop dat dde koepel beter kon worden weggelaten en men bevestigde het kanon rechtstreeks op het chassis
Om het kanon te kunnen richten moest men de gehele tank draaien. Er werd tevens een bulldozerblad aan de voorzijde bevestigd, zodat de tank zichzelf kon ingraven.
Verder was wer een drijfscherm, zodat de tank overweg kon met de vele waterwegen die Zweden rijk is.
De STRV 103-S weegt 39,7 ton, heeft een hydropneumatische vering en een bemanning van drie personen. De tank wordt verder aangedreven door een voorin geplaatste
Rolls-Royce K-60 meerbrandstofmotor. Er was ook een tweede motor, een Boeing 553 gasturbine , voor starthulp onder extremkoude weersomstandigheden en voor extra kracht in de strijd en bij het rijden over moeilijk terrein.
De bewapening bestaat uit Royal Ordnance L-7kanon Kaliber 105 mm met een automatische lader en twee coaxiale 7, 62 mm mitrailleurs. Een derde mitrailleur is bedoeld als luchtafweergeschut en is gemonteerd op de draaibare koepel.
Er zijn 300 stuks STRV 103-S gebouwd tussen 1967 en 1971. Daarmee werden drie pantser brigades van 72 tanks en twee onafhankelijke bataljons uitgerust.
Het weglaten van een hoge draaibare koepel met loop verminderd ongetwijfeld de aanvals capaciteiten, maar verhoogd tegelijkertijd de defensieve capaciteiten.
Het ontwerp van deze tank weerspeigeld de intelligentie en in wezen vredeliefende, maar realistische bedoelingen van de Zweden.
Vroege modellen waren niet vorzien van een bulldozerblad en een drijfscherm. Deze modellen staan bekend ans STRV 103-A. Latere modellen hebben deze voorziening wel en heten STRV 103-B.
Het bulldozerblad werd weggeklapt onder de neus van de tan meegevoerd. Wanneer het nodig was zwenkte het naar voren en werd met twee stangen vast gezet. De hoogte of elevatie voor het kanon werd geregeld via het hydropneumatische systeem.
Het drijfscherm werd rond de bovenkant van de romp bevestigd. Het duurde ongeveer vijftien tot twintig minuten om het te plaatsen.
De tank werd tijdens een amphibische uitvoering aan gedreven door de rupsbanden en bereikte een snelheid van 6 km/u.
Te water stond de bestuurder op de bovenkant en gaf hij gas via een afstandsbediening. Het sturen werd gedaan via kabels die aan en roer waren bevestigd.
Een nadeel is dat omdat de loop van de tank geen Gyro heeft ( dit is een hulp middel om de loop tijdens het rijden stil te houden en zo ook dus rijdende te kunnen vuren ) de tank dus niet rijdend kan schieten.
Als de tank wil schieten moet deze eerst stoppen en dan kan het pas schieten.
Het vuren en rijden kan allemaal worden uitgevoerd , als het moet door één persoon . Maar in de regel zitten er drie bemannings leden in de tank. Maar als de commandant ook op de tank zit dan kan deze het vuurleidings gebeuren overnemen van de Chauffeur die als het er zoals ik eerder vermeldde dit ook allemaal alleen kan doen.
Het laden van de STRV gebeurd volledig automatisch alsook het uitwerpen van de lege hulzen.
De hulzen worden aan de achterzijde uitgeworpen. Waar ze in eerste instantie ook worden geladen als munitie.
De STRV is ook voorzien van diverse rookpot installaties die zijn gemonteerd op alledrie de luiken boven op de tank.
Door zijn uiteindelijke geringe hoogte kan de STRV bijna geheel opgaan in zijn omgeving en is dan bijna niet te zien. Mocht het zo zijn dat het voertuig op een locatie staat die relatief vlak is dan heeft de STRV onder zijn voorzijde een grote shovel bak zitten waar de STRV een kunstmatige berg mee kan opwerpen en zich daar achter "verstoppen".
Extra bepansering heeft het voertuig aan de zijkant zitten in de vorm van plastic met water gevulde jerrycans.Dit is een voorloper van de op tanks tegenwoordige reacive armour bepantsering.
Het op het aanwezige "Ampfibisch scherm " wordt op het bouwmodel aangeleverd in zijn opgevouwen vorm. Dat wil zeggen dat op het model ik alleen de opbouw stangen uiteindelijk zie zitten.
Wellicht is het nog wel eens een optie om het model nog eens te maken met uitgevouwen scherm in een varende uitvoering.


Bij openen van de stevige kartonnen doos zitten er een aantal van 4 lichtgrijze onderdeelramen in een onder en een boven opbouw en twee rubberen tracks.
Wat op viel was het bijna ontbreken van "flash". Natuurlijk giet naden blijf je altijd houden maar ook deze waren acceptabel klein. Maar al met al bevat de gehele inhoud
zo'n 270 plastic onderdelen. Een duidelijke overzichtelijke bouwtekening en een velletje water transfers.
Omdat ik er nog P.E. aan toe zal voegen van Eduard zal het uiteindelijke aantal onderdelen meer als 700 zijn.
Helaas kon ik geen bijpassende aftermarket tracks vinden dus zal ik moeten doen met de bijgeleverde rubberen tracks.
Na bestudering van de bouwtekeningen ben ik achteraf blij dat ik de aftermarket tracks niet heb gevonden , of deze zijn er nog niet, want van de tracks zie je bijna niets meer terug omdat ruim 50% van de tracks verdwijnd achter de bepansering. Het is dus een nutteloze uitave om hiervoor dure aftermarket tracks aan te schaffen.

Na dus een avondje alles goed bestudeerd te hebben de volgende dag er eens goed voor gaan zitten en dus begonnen aan dit bouw project.
De eerste vijf bouwfases die ondehanden worden genomen zijn hoofdzakelijk de wielophangingen en de wielen.
Aangezien dit alles nog van plastic is was het relatief makkelijk te doorlopen en was het dus snel gebouwd.
Omdat het hier om het loopwerk van de tank gaat laat ik alles een nachtje goed uitharden .Zeker als er van die rubberen tracks omheenkomen. Want de ervaring leert dat er extra spanning op de vier, twee links en twee rechts, loopwielen komt testaan en het risico dat deze loopwielen afbreken tijdens de eindmontage wil ik vermijden.
Vanaf bouwfase vijf gaat het P.E. feest beginnen. Zoals ik eerder aangaf is het zeer raadzaam om als je als modelbouwer aftermarket sets zoals P.E. gaat gebruiken de tekeningen van te voren goed te bestuderen. Helemaal in dit geval.
Er moet zoveel P.E. worden verwerkt op dit relatief kleine voertuig , en ik moet in dit geval drie bouwtekeningen combineren. Gelukkigerwijs zijn de P.E. setjes verschillend maar toch kwam ik erachter dat er op één set een extra toevoeging zat die op de andere niet aanwezig was.Het gaat hier om de luiken achterop de tank. Ook de aanwzige handvatten zitten op deze tweede ets set.
Nu kan ik deze set voorlopig aan de kant leggen en mij concentreren op de verdere bouw. De P.E. tekening geeft aan dat er een heleboel moet worden weggesneden van het originele plastic model om de kleine ets onderdelen te kunnen monteren.
Ik gebruik voor het wegsnijden van dit soort zaken twee verschillende mesjes en een heel fijn stukje , als dan niet , watervast schuurpapier. De twee mesjes zijn een puntige en een bol mesje. Ik gebruik deze twee mesjes ALLEEN maar voor het lossnijden van de plastic onderdelen. Voor het lossnijden van de P.E. onderdelen gebruik een ander puntig mesje.
Maar zodra ik merk dat dit mes niet meer scherp genoeg is of de punt is eraf gebroken vervang ik het direct door een ander.
De ondergrond die ik gebruik om P.E.los te snijden is gewoon en dik stukje Evergreen plastic. Maar een ander , wel harde , ondergrond volstaat ook. Ik snij mijn P.E. onderdeln nooit los op mijn snijmat omdat er dan de kans ontstaat dat het onderdeel onnodig gaat verbuigen. Verlijmen van P.E. gaat d.m.v. secondenlijm. Ik wil nog wel eens als extra toevoeging , om secondenlijm nóg sneller te laten drogen, KS-Rapid gebruiken, maar dit goedje is duur en zeer vluchtig en is niet echt lekker voor de luchtwegen. Maar als een onderdeel niet snel genoeg uithard is het een zeer goede oplossing.
Ik hoor wel eens van mede modelbouwers dat je best wel veel secondenlijm " verspeeld " en dat het vaak al opgedroogd is voor je je volgende onderdeel kan monteren. Dit is éénvoudig te voorkomen door een beetje secondenlijm op de gladde achterkant van een stickervel te druppelen. ( het gedeelte van de sticker dat je normaal weggooit ) De bestandsdelen die op dit velletje zitten zorgen er voor dat de secondenlijm langer verwerkbaar blijft. Het verlijmen van de plastic onderdelen doe ik in de regel met Tamiya's vloeibare lijm. Deze plasticlijm "verlast" het plastic echt perfect en stevig.
Maar zoals ik al zei net vanaf de vijfde bouwstap wordt het dus een gecombineerde bouwaangelegenheid.
In de zevende bouwfase moeten een extra aantal gaatjes worden gemaakt met behulp van de "Dremel " in de bovenopbouw en moet het gat van de het achterluik groter worden gemaakt ? Waarom heeft Trumpeter dit gat niet gelijk op maat gemaakt ? Er zitten maar drie luiken in de kit en net uitgerekend het achterste gat moet groter worden gemaakt. Niet dat het veelwerk is wat het staat aan de binnenzijde van de bovenopbouw netjes aangegeven waar het plastic moet worden verwijderd maar een beetje vreemd is het wel.
In de achtste bouwfase gaat het leukere werk beginnen nu ik de overtollige plastic bobbeltjes en uitsteeksels, 40 in totaal, die worden vervagen door onderdelen van Eduard's P.E.
Ook komen nu de eerste onderdelen aan de beurt die "gevouwen" moeten worden. Plastic onderdelen die vervangen worden door P.E. zullen door middel van een " hold and fold " miniatuur vouwbankje in model worden gebracht. Eduard leverd zijn P.E. onderdelen aan is een mooi zakje met daarin twee kartonnetjes en daar vaak tussen geklemt de raampjes met P.E. onderdelen zodat deze tijdens het transport niet worden omgevouwen of beschadigd.
De grotere onderdelen die nog " gevormd "dienen te worden kun je eenvoudig herkennen. Op deze onderdelen staan lijnen die aangeven waar de vouwlijn moet komen.
Natuurlijk kan je als je geen "Hold and Fold" vouwbankje hebt het ook doe met een klein plat tangetje.
Voor hen die nog nooit geen P.E. hebben verwerkt op een model is het dan ook vaak of een uitdaging eraan te beginnen of het is een teleurstelling omdat het niet het beoogde resultaat behaalde.
Let wel dat het verwerken van P.E. een 'echte' geduld klus is. Neem er de tijd voor en lees altijd goed de tekening waar de eventuele vouwlijnen komen. Natuurlijk het kan een keer fout gaan maar buig dan voorzichtig d.m.v. je greedschap ,je tangetje of je vouwbank het onderdeel weer terug in zijn platte vorm, zo kan je wellicht nog proberen het onderdeel op de juiste manier te buigen. Buig het onderdeel nooit tussen je vingers terug anders 'verbuig' je het misschien en is het later onbruikbaar.
Ik ben de gelukkige bezitter van een 'Hold and fold ' vouwbankje en dit is een echt goed stukje gereedschap waar ik veel plezier aan beleef. Maar ook ik ben begonnen en wellicht net zoals vele anderen met en plattangetje.
Maar teug naar het model.
Omdat het gebombineerd plakken en bouwen zeker bij dit model nogal voor hoofdbrekens zorgt heb ik alle zo ver als dat kon anderen bouwfases is delen gedaan. Helemaal omdat er zoveel P.E. op het model zit dat het bijna niet meer vast te houden is.
Verder kwam ik erachter dat , en dat is jammer, dat de fabrikant de twee voorwaardse coaxiale mitrailleurs heeft verscholen achter hun afdek kappen. Deze zitten links voor op het voertuig. Op één van de vele walktroughs zie je heel duidelijk of een ketting of een stuk kabel gemonteerd op de afdek doppen voor op de bak waar de twee coaxiale mitailleurs in zitten.
Wat Trumpeter wel heeft getracht is de twee rooklanceer buizen met een soort van geboorde opening te leveren maar bij mijn model was dit hopeloos mislukt wat resulteerde dat ik de heleboel moest gaan hestellen.
Wat ik later ook nog heb toegevoegd zijn de moeren op de afdekroosters. De originele meegegeoten moeren moesten worden verwijderd om de P.E. roosters goed te kunnen monteren. Deze kleine moertjes heb ik gemaakt met behulp van een zogeheten " Punch en Die " Ook dit is weer een speciaal stukje echt modelbouwers gereedschap.
Dit zijn diverse staafjes met aan één kant een uitholling in diverse afmetingen. De moeren die ik nodig had zijn eenvoudig uit een klein velletje dun evergreen te drukken de daarna vast te lijmen met secondenlijm.
Maar over het algemeen ging de bouw van het rompgedeelte voorspoedig en ga ik nu verder met het opbouwen van het rek aan de voorzijde.
Dit rek was eigenlijk een geheim geval van het Zweedse leger. In de tijd dat het voertuig nog actief was kon je er dan ook geen een foto van vinden , gemonteerd op een operationele tank in het veld. Ook mochten de voeruigen niet van de kazerne af met het gemonteerde rek. Tegenwoordig zijn op alle STRV's die op shows verschijnen de rekken gemonteerd maar men heeft lange tijd in het duister getast waar het voor was. Maar nu het voertuig niet meer operationeel is is ook de bedoeling ervan bekend geworden. Het rek was bedoeld om RPG's ( Rocket Propelled Grenade ) tegen te houden. Dit was zeer effectief omdat al eerder in de tekst werd vermeldt dat de tank een defensieve rol had en daarom ook de reden dat het hekwerk alleen aan de voorzijde van de tank is geplaatst.
Om het rek te kunnen monteren op het model heeft Eduard een malletje bij het P.E. gedaan om de juiste afstand wan de te boren gaatjes te kunnen bepalen waar de staafjes Evergreen uiteindelijk in komen die de basis zijn voor het hekwerkje.
Tussen de staafjes zitten kleine P.E. plaatjes die weer gebogen moeten worden op de " Hold en Fold "
Om te laten zien hoe groot deze plaatjes zijn heb ik er voor het gemak eens een lineaal bijgelegd. En ech dit zijn de al wat meer " grotere " P.E." onderdelen.
Ook wil ik even laten zien hoe je nu precies de plaatjes moet vouwen om het gewenste resultaat te verkrijgen.
Dit vouwwerk is een geduld klusje en ook het assembleren of het in elkaar zetten van dit hekwerk. Omdat het geen geheel is. Het hek werk bestaat uit twee delen en in het tweede deel zit nog een knik ook. Ik heb zelf gemerkt dat tijdens het vouwen van de tussen stukken van het metaal het de neiging heeft om tijdens het laatste bewerking op de " hold en fold " om krom te trekken. Dit resulteerd erin dat de 1mm dikke plastic staafjes niet meer door de gaatjes passen om dat deze niet meer echt gecentreerd boven elkaar zitten. Dit heb ik opgelost door de gaatjes even door de boren met een 1mm boortje. Het gaat maar om kleine verschuivingen in het PE plaatje dus het is een werk je van niets. Maar het resulteerde er wel in dat de staafjes veel makkelijker op hun plaats gleden. Om alles op zijn plaats te houden heb ik het hekwerk terwijl het nog niet gelijmd was in geklemt tussen twee tanden stokers en zo de plaatjes op de juiste afstanden gelegd. Omdat ht een nogal precair werkje is is hier ook weer wat geduld voor nodig. Toen alles netjes op zijn plaats zat heb ik alles verlijmd met secondenlijm.
Om geen problemen te krijgen met het plaatsen van dit hekwerk zeker omdat op het knik gedeelte heb ik de staafjes op dit gedeelte als laatste geplaatst.
Nu nog de laatste zaken monteren zoals de riemen. Ik kwam erachter dat de riemen die geleverd in de originele PE set te stug zijn om goed te verwerken. Bij de eerste riem braken de zorgvuldig aangebrachte beugeltjes er af. Om niet nog meer van dit soort herstel werkzaam heden te hoeven doen heb ik de "riemen" vervangen door op maatgesneden loodfolie. Loodfolie is slapper en makkelijker te verwerken. Wel heb ik de geleverde gespen gebruikt maar hier heb ik de sugge PE riemen afgesneden.
Als één van de laatste dingen heb ik uit de rommeldoos nog een sleepkabel gemonteerd op de achterzijde van het voertuig tussen de beugeltjes waar deze voor bedoeld zijn.

Nu is het voertuig klaar om op kleur te worden gebracht.
Eerst spuit ik als basis laag het gehele model Humbroll ( 33 ) matt zwart. Dit doe ik meerdere dunne laagjes zodat het allemaal goed dekt. Daarna het model even wegezet in een stofvrij omgeving ( gewoon in de doos gezet met de deksel erop ) en even een nachtje laten drogen.
Daarna de eerste laag groen aan gebracht. De kleur vergelijkings tabel die ik normaliter hanteer gaf in dit geval geen uitsluitsel. daarom heb ik de kleur groen een beetje moeten inschatten naar de kleuren foto's die ik via het internet heb verkregen. De kleur die het dichts bij kwam voor de licht groene kleur is Humbroll 155. Deze kleur heb ik dan ook uiteindelijk maar gebruikt. Dit is ook weer in dunne laagjes over het zwart heen gespoten. \en wel zo dat ik gelijk een beetje Préshading krijg. dit scheels later weer in de afwerking.
Omdat het camouflage patroon op deze tank bestaat uit rechte hoeken zal ik omdat er zoveel obstakels zijn op deze tank deze met de hand moeten gaan inschilderen.
Afplakken om het camouflage patroon erop te spuitenmet de airbrush is met deze tank niet mogelijk. Om er voor te zorgen dat de belijning wel recht blijft trek ik wel heel voorzichtig langs een lineaal een potlood streepje zo dat ik wel ongeveer weet waar de diverse camouflage blokken komen.
Dan schilder ik de getekende blokken in met de benodigde kleuren. Wel verdun ik de aan te brengen van te voren met gewone terpentine.
Als alle kleuren erop zitten zet ik het voertuig wederom en nachtje weg om goed te laten doordrogen.
Nadat dit goed droog is ga ik over tot het aanbrengen van de decals of transfers. Deze transfers verzegel ik met matte vernis en laat het ook even een momentje drogen.
Nu is het moment aangebroken om "diepte" op het voertuig aan te brengen. Dit doe ik Door middel van een " Wash " of " Filter " . Deze wash is samen gesteld uit olieverf uit een tube en aansteker vloeistof. Ik gebruik nooit terpentine of humbroll verf voor washes omdat dit de neiging heeft om wittig uit te slaan. Met olie verf en aanstekervloeistof heb ik hier dus geen last van. Ook de glans die olieverf standaard met zich mee draagt word afgebroken door de bestandsdelen in de aansteker vloeistof.
Maar de kleur echtheid van de olieverf blijft wel behouden en het droogt mooi matt op zonder witte waas.
Ook deze wash krijgt weer de tijd om lekker te drogen voor dat ik de "drybrushes" ga aanbrengen.
Voor hen die (nog) niet weten wat dit zijn even nog een keer daarover en korte uitleg.
Drybrushen is niets anders dan over de hoger uitstekende delen van een model een beetje verf aan te brengen. En wel op zo'n manier dat deze hoger gelegen delen "eruit" springen.
Voor drybrushen heb je niet veel nodig alleen maar en kwast wat verf en een doek en en pallet. Als basis neem ik de hoofdkleur van een model ( in dit geval humbroll 151 ) en vermeng dit met een beetje Humbroll 29 en wat Cadmium yellow en een klein beetje Titanium wit. Ik maak gebruik van en Humbroll en olieverf om de aangemaakte verf langer te kunnen verwerken. Ik doe wat verf op een platte kwasten veeg alle overtollige verf die "teveel" op de kwast zit af aan een niet pluizige doek. Daarna breng ik de verf aan met snelle bewegingen van de kwast over het voertuig. Ik doe dit wel voorzichtig en zonder echte druk uit te voeren op het model want anders breken de zorgvuldig geplakte P.E. onderdelen van het model af en dat zou zonde zijn.
Iedereen heeft zijn eigen manier van het uiteindelijk tot "leven" brengen van zijn of haar model. Maar ik probeer het altijd zo subtiel mogelijk te houden zonder het te gaan overdrijven.
Zeker met de wat meer moderne voertuigen is " echte " verwering denk ik niet echt nodig omdat de voertuigen het grootste gedeelte van hun active leven op de kazernes bevonden in al dan niet afgesloten voor de buiten elementen. En ze werden volledig vertroeteld en onderhouden. Dus " echte " slijtage is er bijna niet op te vinden.
Ik heb tanks gezien in active dienst die ouder waren dan ik zelf vroeger en die zagen er tip top uit.
Daarom heb ik op dit voertuig ook geen onnodige schade aan gebracht.
Nu alles klaar is zet ik het voertuig weg en ga mij concentreren op de ondergrond.
Om het allemaal wat meer dimensie te geven kies ik voor een schuin naar beneden op stelling.
De zijkanten zijn opgebouwd van Evergreen plastic en de lijst is een gewone foto lijst bij de duizend en een dingen winkel hier in de buurt.
Het Plastic kader ga ik opvullen met een dik papje gemaakt van zand, water en houtlijm. En laat dit zover opdrogen dat het toch nog " boetseerbaar" is.
Om het stukje landschap verder aan te kleden maak ik van 9mm ronde stokjes en Asperagus dennebomen naar Zweeds model.
Het maken van deze dennebomen is een leuk werkje dat niet echt veel tijd in beslag neemt.

~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~





Tot zover mijn bijdrage.

mvg

Eric
 
Een enorme berg informatie Eric 😱 ...
Uitgebreid bouwverslag en lekker veel foto's. Misschien is om het leesbaarder te houden, aan te bevelen om de foto's in de tekst te plakken bij de relevante stukken.
Het diorama vind ik goed gekozen, laat goed de jager zien die de STRV is.

Groet, MartinD
 
wauw wat moet ik zeggen,
Echt een super bouwverslag, zoveel informatie. ik heb net nog even een documantaire op youtube beken over de strv 103c. het schijnt dus dat een heleboel landen behoorlijk interesse hebben gehad in het voertuig maar tijdens de fieldtrials erachter kwamen dat het voertuig eigenlijk te veel was georiënteerd voor het zweedse landschap en dus in andere landen niet echt zou werken.
over het model, echt een plaatje. hij komt echt tot zijn recht in het diorama.

groeten erik
 
ha eric,
heel informatief stukje over de s-tank,heb een paar kleine aanvullingen/opmerkingen: het 105mm kanon is een product van Bofors zelf de L62(ook de bouwer van de s-tank) en is geen ordnance L7,wel is het kanon ontworpen rond dezelfde munitie omdat Zweden een grote vloot Centurions had met dit kanon.Het kanon is ook 62 kalibers tegen de L7 51 kalibers en de momdingsnelheid en daardoor penetratie is veel hoger,het kanon beslaat de gehele lengte van het voertuig met een hulsuitwerp poort aan de achterzijde.De twee motoren staan naast elkaar voorin op een gemeenschappelijke tamdwielkast.Rond 1985 is begonnen met de ombouw naar S-103C's,aantal weet ik niet,hierbij werd de Rolls Royce motor vervangen door een Detroit 6V-53T dieselmotor,dezelfde als uit de YPR 765.De Rolls-Royce motor zat ook in de Chieftain en was bijzonder omdat het een 6-cilinder motor was met twee tegenwerkende zuigers per cilinder,als multi-fuel motor was het geen succes ,en hij draaide operationeel uitsluitend op diesel,in ieder geval in de chieftain,
groeten,bert
 
Terug
Bovenaan