Af! Footbridge M1938

Dit model is af!

Jan Coen Wijnstok

Lid van de TWENOT
Al weer lang geleden kreeg ik een kopie van TM 5-271, Light stream-crossing equipage, uit 1944 in handen. Daarin staat onder andere de Footbridge M1938 beschreven. Met foto’s en fraaie lijntekeningen van de onderdelen en van het opbouwen van de brug en alles wat daarbij komt kijken. Dat vind ik wel interessant. De voetbrug bestaat uit ‘floats’ (drijvers) en ‘duckboards’ (vlonders). De drijvers hebben houten zijkanten met daartussen een aantal schuimrubber platen die voor het drijfvermogen zorgen. De vlonders zijn van hout met stalen beslag. Alles tamelijk recht toe recht aan. Dan ga ik toch al snel denken dat het leuk zou zijn om dat te bouwen.
TM5-271_91.jpg
TM5-271_94.jpg
TM5-271_95.jpg
TM5-271_96.jpg

Omdat alle maten in de TM vermeld staan was het relatief simpel om schaaltekeningen te maken. En vervolgens tekeningen van de onderdelen met de maten erbij. Ik ben dan in mijn hoofd al bezig om uit te vogelen hoe ik de objecten kan bouwen. Als ik dan aan het bouwen toe ben hoef ik niks meer op te meten. Bovendien helpt dat enorm als je er meer van wilt bouwen. Als tijdens het bouwen blijkt dat ik er naast zit werk ik de tekeningen en maten bij.
De drijvers zijn in 1:35 86 X 7 X 10 mm en de vlonders 107 X 16 X 4 mm (lengte x breedte x hoogte).

tek_01.jpeg

tek_02.jpeg

Dan volgt zoals jullie weten het meten en uitzetten van de onderdelen, snijden en bijwerken en dan lekker in elkaar plakken. Dan nog wat metaaldraad buigen en na verloop van tijd had ik twee drijvers en een vlonder gebouwd. Eigenlijk viel dat reuze mee. Die handvatten en die veertjes is wel een hoop gepiel, maar je krijgt ook de slag te pakken en dan gaat het beter.

brug_01.jpg

brug_02.jpg

Handle_1.jpg

Nu lijkt het misschien alsof dit bijna vanzelf gaat, maar dat is niet zo. Ik kan gemakkelijk dingen bedenken die gewoon op die schaal niet blijken te kunnen. Dan moet ik de constructie zover versimpelen tot het wel kan. En soms wil het gewoon even niet lukken. Als ik dan na veertien vruchteloze pogingen met superglue aan een onderdeel geplakt zit, wil ik het liefst de hele zwik tegen de muur smijten. Maar dan komt er helemaal nooit iets af. Dus leg ik alles dan rustig neer, piel het onderdeel weer van mijn vinger en loop weg.
Na verloop van tijd neem ik het werk weer ter hand en maak het af.

brug_03.jpg

Mooi, daar heb ik eens een tijdje met bewondering naar zitten kijken. Niet te lang, want dan ga je zien wat er allemaal niet helemaal recht zit. Daar drong zich toch de gedachte op dat dit een beetje een lullig stukje brug was.Eigenlijk kan dat maar tot één conclusie lijden. Langer maken! Twee van die dingen plus de vlonders naar de wal. Even rekenen en ik kwam op 6 drijvers en 4 vlonders. Tijd voor massaproductie. Voor je het in de gaten hebt is zo’n project uit de klauw gelopen.

Wordt vervolgd,

Jan Coen
 
Erg netjes, en goed dat je de tekeningen en uitleg erbij geeft 🙂
 
Bedankt voor de reacties. Nu weer een stukje verder met de uitleg.

Water en golven.

Terwijl de brug in wording was begon ik ook na te denken over een diorama waar hij in kon. Dat werd een gebouwde brug over een vaart. Benodigdheden: een grondplaat, twee oevers en een vaart. En dan het een en ander aan vegetatie. De grondplaat bleek 50X25 cm MDF van 6 mm te worden. Gelukkig is het grootste deel vaart. Dat moet dan wel water worden. Ik weet van zeiltochten dat veel water er nogal donker uit ziet, vanwege een donkere bodem en allerlei rommel die in buitenwater zweeft. Met een zucht van verlichting kon ik de giethars wegstrepen. Gewoon schilderen dus. Omdat de drijvers uiteindelijk deels onder water komen moeten er uitsparingen in de ondergrond komen. Mede daardoor heb ik het water gemaakt op passe-partout karton. Daar kon ik de uitsparingen gemakkelijk in uitsnijden. Later bleek dat niet diep genoeg en moest er alsnog in het MDF gebeiteld worden.

rietaanbouw.jpg

Voor ik daadwerkelijk van start ga maak ik vaak een proef om te testen of mijn idee klopt. En om te controleren of het uitvoerbaar is. Omdat ik tijdens het bouwen geen foto’s heb gemaakt van al die zaken maak ik nu proefjes om te laten zien hoe ik te werk ga. De vaart is geschilderd met kunstschilders acrylverf. In een gewolkt patroon met donkere blauwe tonen en lichtere bruinere tonen om diepte te suggereren en om het geheel te breken zodat het geen saaie vlakte wordt.

ondergronden.jpg

Op de foto zie je verf die ik heb gebruikt en de ondergrondjes voor water en aarde. Die laatste is gewoon Rauwe omber. Daar komt gras bovenop.
Zoals op de foto te zien is heb ik de ondergrond eerst helemaal donkerblauw geschilderd, in dit geval Indanthrene Blue. Dit hoeft niet perfect dekkend en egaal. Alle onvolkomenheden zijn in wezen cadeautjes die de ondergrond nog gevarieerder maken. Daarover lagen Rauwe Omber tot ik de gewenste dekking had. Om het geheel naar elkaar toe te halen en de suggestie van water te versterken heb ik daar transparante lagen met Olijfgroen over aangebracht. Ik vermeng Plextol, eigenlijk vloeibare acryl, met een beetje acrylverf. Niet te veel verf toevoegen anders wordt de laag te dekkend en te groen. Voor het effect zijn meerdere lagen beter. Tot slot een laag hoogglanslak om het af te maken.

water_01.jpg

water_02.jpg

water_03.jpg
Rechts het effect van twee lagen Plextol.

Ik had intussen bedacht dat er infanterie over de brug zou rennen, zoals in de TM staat beschreven. Dan moeten er golven bij de drijvers komen. Die heb ik gemaakt met Gel Medium Glossy, in dit geval van Talens. Dat is een witte pasta die transparant opdroogt. Te koop in winkels voor kunstschilders benodigdheden.

golven_01.jpg

golven_02.jpg

Op de proef zie je links de Heavy Gel Medium en rechts de Extra Heavy. De laatste is stijver en zakt minder in. In dit geval is de gel met een paletmes opgebracht. Als de gel droog is zie je dat de Heavy gel er wat ronder uitziet en de Extra Heavy wat scherper. Ik kies een soort afhankelijk van het effect dat ik wil. In het diorama heb ik Extra Heavy gebruikt voor de golven direct naast de drijvers en Heavy voor de uitrollende ovalen. Ter afsluiting nog wat foto's van het maken van de golven in het diorama.

golven_03.jpg

golven_04.jpg

golven_05.jpg

Wordt vervolgd,

Jan Coen.
 
Netjes. Ik had het water gespoten, maar zo gaat het natuurlijk ook, en je kunt hier ook goed zien wat je onder meer met van die acrylgel kunt doen.
 
Voordat alle aandacht uit gaat naar het water ...
Veel respect voor het blad van de waterlelies, de bloemen zelf en het riet op de twee-na-laatste foto hiervoor.
Zeer realistisch en een enorme stap vooruit weer, na de foto van 15:33 uur
 
Mooi, daar heb ik eens een tijdje met bewondering naar zitten kijken. Niet te lang, want dan ga je zien wat er allemaal niet helemaal recht zit. Daar drong zich toch de gedachte op dat dit een beetje een lullig stukje brug was. Eigenlijk kan dat maar tot één conclusie lijden. Langer maken! Twee van die dingen plus de vlonders naar de wal. Even rekenen en ik kwam op 6 drijvers en 4 vlonders. Tijd voor massaproductie. Voor je het in de gaten hebt is zo’n project uit de klauw gelopen.

Wordt vervolgd,

Jan Coen
Ik dacht gelijk: Dit leent zich voor 3D-printen want de herhaling lijkt me saai.
Bailey is net zo iets. Wat zouden we daar voor prachtigs mee kunnen als de panelen ook in onze schaal 3D-geprint konden worden.
 
Oevers en begroeiing.

De oevers zijn gemaakt van piepschuim, bijgesneden en bedekt met een laag paperclay. Paperclay is een soort hele fijne papier-maché. Oevers hebben begroeiing nodig, zowel in het water als op land. Gras dus en andere plantjes, riet en lisdodde en om het af te maken een rand gele plomp. Omdat ik vaak denk dat ik weet hoe dingen er uit zien om vervolgens tot de conclusie te komen dat die kennis gebrekkig is, maak ik tegenwoordig veel foto’s van de vegetatie die ik wil maken.
Het is de bedoeling om de toeschouwer te laten denken dat hij riet ziet. Dus is het van belang om de kenmerken van riet uit de foto’s te halen. Voor mij is dat lange stengels met veel lange smalle bladeren. En natuurlijk rietpluimen erboven.

Riet.
Voor de stengels gebruik ik vooraf gekleurd sisal touw. In het voorbeeld heb ik lengtes van ongeveer 4 cm gebruikt. Om ze te plakken doe je eerst witte houtlijm op een stukje van de ondergrond. Vervolgens knip je een stukje van het sisal touw. Vasthouden want je krijgt het bosje nooit meer in fatsoen als je het loslaat. Als je dat bosje aan de bovenkant in elkaar knijpt gaat de onderkant wijken waardoor je de stengels wat verder uit elkaar plakt, dat scheelt weer. Duw in de houtlijm en herhaal voor het volgende bosje. Bij het plakken steunen de bosjes tegen de oever en tegen elkaar, maar ze zijn wiebelig. Niet teveel willen doen is het devies. Omdat ik in totaal zo’n 50 cm oever heb kon ik altijd wel ergens anders verder. Het is niet erg als er hier en daar stengels omvallen, dat is in werkelijkheid ook zo. En je kunt later nog bijbuigen of weghalen.

riet_01.jpg

riet_02.jpg

De bladeren zijn van geverfd papier. In dit geval dun papier dat ik aan beide zijden schilder. Dat worden één of meerdere lagen naar gelang hoe donker ik de kleur wil hebben. Op de foto is links één laag gedaan en rechts twee.

groen_01.jpg

Van dat papier maak ik een dubbelgevouwen strook van een centimeter breed. Daar knip ik smalle driehoeken af. Dat worden de bladeren van het riet. Je krijgt zo enkele en dubbele bladeren. De dubbele gebruik ik om dieper tussen de stengels te plakken, de enkele gaan vooraan waar ze het zichtbaarst zijn. Tipje houtlijm op het eind en plakken. Is veel werk, maar ik vind het wel relaxed. En je krijgt er handigheid in. Sommige werkzaamheden moet je letterlijk in de vingers krijgen.

riet_03.jpg

riet_04.jpg

De rietpluimen zijn gemaakt van het vertrouwde sisal touw en zaagsel. Ik bewaar daarvoor zaagsel van verschillende houtsoorten. Vooral vanwege het verschil in fijnheid en structuur. Meestal verf ik de pluimen achteraf toch in een kleur. Haal het uiteinde van een enkele sisal vezel door de houtlijm en vervolgens goed door het zaagsel. Laat drogen. Als je verder niets doet krijg je onregelmatige pluimen zoals links op de foto. Bij de sigaar voor de lisdodde laat ik de lijm eerst een tijdje drogen en dan rol ik de ‘aar’ voorzichtig tussen mijn vingers om hem ronder en gladder te maken. Tot slot lijm je de rietpluimen tussen het reeds geplante riet. Vermijd regelmaat, dat ziet er meestal onnatuurlijk uit.
Deze methode is ook te gebruiken voor bloeiend gras.

pluim_01.jpg

pluim_02.jpg

Wordt vervolgd,

Jan Coen
 
Hi Jan Coen,

Interessant onderwerp en ziet er goed uit! Die gels zijn erg interessant om realistisch golvend water te maken, bedankt voor de tip.

Mvg,

Vincent
 
Lisdodde.
Omdat ik alleen riet wat saai vond moest er ook nog lisdodde aangeplant worden. Als je de lisdodde analyseert zijn dat lange smalle bladeren die uit het water steken met van die bruine sigaren erin. Men neme een strook van hetzelfde geverfde papier dat eerder is gebruikt van tweemaal de hoogte van de bladeren die je wilt. Vouw die vervolgens dubbel en snijd ze vanaf ongeveer 2 mm van de vouw in op afstanden van ongeveer een millimeter. Ik doe dat uit de hand. Vouw de strook dan open en knip de eindjes van de bladeren schuin af. Dan vouw je de stook weer dubbel. Snijd een stuk af en rol dat op. Houtlijm op de onderkant en plak op de ondergrond. Nog een sigaar erin en klaar is een bosje lisdodde. Nog steeds veel werk, maar minder dan het riet.

groen_03.jpg

proef_01.jpg

Gele plomp.
Terwijl ik druk was met foto’s maken van riet en lisdodde kwam ook de gele plomp in beeld. Het leek me leuk om die nog als baan toe te voegen. Als basis heb ik lichtgroen kopieerpapier gebruikt, om te voorkomen dat je witte randen krijgt als je de bladeren uitsnijdt. Ik heb een stuk geverfd in een toepasselijke kleur. In dit geval Permanent sap green met wit. Voor de variatie heb ik stukken met kleine kleurverschillen gemaakt.
De bladeren worden ongeveer 8 X 5 mm. Dat heb ik op de achterkant uitgezet, dan heb je geen last van de lijntjes. Knip vervolgens de rechthoekjes en knip ze bij in de juiste vorm. Voor de variatie maak ik ook kleinere bladeren. Ik ga met de achterkant van een scalpel over het midden om een soort nerf te suggereren en die schilder ik iets donkerder. Je kunt op de bladeren nog wat vlakjes aanbrengen in flink verdunde Sap green. De gele aangetaste bladeren ontstaan op dezelfde wijze.

plomp_02.jpg

rietkraag_01.jpg

Op de foto ben ik de bladeren van de gele plomp aan het schikken. In principe wijzen ze met de stroom mee. Breng echter genoeg variatie aan om te voorkomen dat ze allemaal in het gelid gaan drijven. Uiteindelijk plak ik ze met houtlijm op de ondergrond.

Dan zijn vervolgens de bloemen van de gele plomp aan de beurt. Die beginnen hun leven ook al als geverfd papier, hier weer de dunne variant. Ik stans rondjes uit met een holpijpje, diameter 2,5 mm. Daar plak ik er twee van op elkaar, lijm alleen in het midden. Eigenlijk was het plan dat je de randjes van de afzonderlijke rondjes blijft zien. Dat rondje druk ik vervolgens met een cocktailprikker op mijn vingertop tot een bloemetje. Tipje lijm aan een sisal vezel en lijm het bloemetje erop. Na het drogen snijd je de stengel op lengte en dan plak je het bloemetje op de ondergrond. Ik prik eerst met een speld een gaatje, dan blijven ze goed overeind staan.

plomp_03.jpg

Als je nu begint te denken dat dit misschien wat veel is allemaal dan denk je precies hetzelfde als ik. Het leek zo’n goed idee. De eerlijkheid gebied mij dan ook te zeggen dat ik er lang mee bezig ben geweest. Soms heb ik het hele ding ook tijden niet aangeraakt. Maar uiteindelijk heb ik het altijd weer opgepakt en doorgeduwd. Elke keer dat je weer een stuk opschiet geeft dat ook voldoening. Ter afsluiting nog wat foto’s van het resultaat.

oever_01.jpg

oever_02.jpg

oever_03.jpg

Wordt vervolgd,

Jan Coen
 
Bedankt voor jullie reacties. Ik heb nu weer even tijd nodig voor het vervolg, proefjes en foto's moeten nog gemaakt worden.
Arno, ik vind het geen ramp om meer dezelfde dingen te maken. Het vergroot simpelweg mijn ervaring met de materialen en dat maakt het een volgende keer gemakkelijker. Daarbij, als ik hoor hoe duur 3D printen nog is ga ik wel zitten pielen met Evergreen.
Volgens mij heeft Bronco een Bailybrug, zowel Mark 1 als Mark 2.
Vincent, geen dank. Leef je er mee uit.
 
Bedankt voor jullie reacties. Ik heb nu weer even tijd nodig voor het vervolg, proefjes en foto's moeten nog gemaakt worden.
Arno, ik vind het geen ramp om meer dezelfde dingen te maken. Het vergroot simpelweg mijn ervaring met de materialen en dat maakt het een volgende keer gemakkelijker. Daarbij, als ik hoor hoe duur 3D printen nog is ga ik wel zitten pielen met Evergreen.
Volgens mij heeft Bronco een Bailybrug, zowel Mark 1 als Mark 2.
Vincent, geen dank. Leef je er mee uit.
Wat kosten betreft zit je voor het 3D printen... ik schat dat 1 baily deel ong 10 cent is... Blijf je draadje volgen geweldig hoe je de beplanting maakt👍🏻
 
UITMUNTEND
Kijk, modelbouw zien we hier wel vaker
maar de kwaliteit van de achtergrond, en het oog voor detail zijn voorbeeldig.
Ik herinner me van jaren terug tijdens een clubbijeenkomst ( 😢),
een diorama van een M29 Weasel van Monogram die te water ging. Ook prachtig gedaan destijds.
En iedere keer als ik in een bootje vaar, denk ik: "zou ik een rietkraag kunnen maken?"
Dit is jaloers makend😬
 
Laatst bewerkt:
Hi Jan Coen,

Voor die knoppen van de lelies had je ook de echte miniscule bloemetjes van mos kunnen gebruiken wat graag tussen tegels groeit! Dit zijn kleine knopjes die voor allerhande kleine bloemen te gebruiken zijn (dus). Sluit me aan bij bovenstaande, schitterend gedaan en realistisch! Zomerse dio's mag ik wel, mooi contrast tussen de bloeiende natuur en de verschrikkingen van de oorlog. Misschien nog wat kleinere waterspatjes ter variatie op de drijvers en vlonders, maar dat is het dan wel.

Mvg,

Vincent
 
Bedankt allemaal voor de complimenten.
Arno, je hoeft je nu niet meer af te vragen of je een rietkraag kan maken. De vraag blijft of je dat wil doen. Ik denk tijdens mijn projecten regelmatig dat het een goed plan was, maar nooit meer doen. Dat laatste lukt nooit. Hoe vaker ik dit soort dingen maak hoe verder ik wil gaan.
Vincent, bedankt voor de tip. Ik zal er eens op letten. Wat betreft de spatjes, je hebt gelijk, vervelend is dat je die dingen gaat zien als alles in elkaar zit en je foto's gaat bekijken. Misschien kan ik er nog net bij.

Groet,

Jan Coen
 
Dank je wel Jan Coen voor je uitgebreide beschrijving en wat het fantastische resultaat betreft..........ik kom woorden tekort!
 
Allereerst de beste wensen voor het nieuwe jaar. Ik heb weer een paar afleveringen van het diorama verhaal.

Paadjes.
Voordat het gras geplant werd heb ik aan weerszijden van het kanaal paadjes gemaakt. Ten eerste om meer variatie te hebben, maar ook om het oog naar de figuren en de brug te leiden. Het is een lijn om te volgen. Het oog wordt aangetrokken door contrast, dat valt op. En het scheelt natuurlijk gras plakken. Zoals ik in het begin al heb getoond schilder ik de ondergrond met rauwe omber. Dat is vooral om geen lichte ondergrond te hebben die de verkeerde aandacht kan trekken. De paadjes zijn gemaakt van Alabastine vermengd met rauwe omber. Door meer water toe te voegen krijg je een dunner mengsel dat je dus ook in een dunnere laag op kunt brengen. Hoe grover de haren van je kwast of penseel hoe grover de structuur. In dit geval heb ik een varkensharen kunstschilderskwast gebruikt. Met een droger mengsel krijg je veel meer structuur. Ik gebruik deze methode ook om dikkere stof- of modderlagen op mijn modellen aan te brengen.

alabast_02.jpg

Zoals je op de foto ziet moet je hier een beetje mee leren werken omdat het veel lichter opdroogt. Ik maak dan ook altijd eerst een proefje om te kijken of ik de kleur goed vind. Op de foto zie je in stadium twee het resultaat van ongeveer twee keer zoveel rauwe omber en in stadium drie meer Alabastine.
Ik maak de paadjes breder dan ze moeten worden om een harde overgang met de donkere ondergrond te vermijden. Je kunt de paadjes verder verfijnen door heel fijngesneden sisal touw door het Alabastine-mengsel te roeren en dat hier en daar aan te brengen. Er kunnen geknakte grashalmen op liggen, blaadjes enzovoort. Ik gebruik altijd foto’s als referentie.

Gras.
Dan is het tijd voor gras. Net zoals bij het riet begint het met geverfd sisal touw en een dot houtlijm. Knip lengtes van het groene sisal touw af, knijp in het uiteind om het bosje te spreiden en druk het in de lijm. Herhaal en herhaal …..
In dit geval heb ik lengtes van ongeveer 1 cm gebruikt. Het hoeft niet heel precies afgemeten. Dan krijg je vanzelf wat variatie in de hoogte. Gras is veel gemakkelijker dan riet omdat de korte bosjes beter overeind blijven staan. Ik duw de bosjes van boven wat uit elkaar voor de lijm droog is. Op die manier bedek je een groter oppervlak met minder gras.
Ik gebruik textielverf in poedervorm om het sisal touw te verven. Dat los je op in ruim water. Naarmate je meer strengen touw verft, put je het verfbad uit en dat levert automatisch lichter gekleurde strengen op. Ik gebruik verschillende tinten touw door elkaar vanwege de variatie. Je moet dit ook weer niet overdrijven, het moet er wel als een grasmat uit blijven zien en niet als een lappeneken.

gras_01.jpg

Waar mensen lopen wordt het gras platgetrapt, dus moet dat ook gemaakt worden. Bijkomend voordeel is dat je vrij snel een oppervlak bedekt. Gras gaat plat in de richting waarin je loopt of rijdt. Wanneer mensen in verschillende richtingen lopen moet je dat dus ook simuleren. Plak dan de bosjes in verschillende richtingen. Het werkt net als gras plakken, met dat verschil dat de bosjes schuin in de lijm worden gezet en dan naar voren (de rest van de lijm in) en platgedrukt worden. Ik duw en trek er dan met een pincet bosjes in of uit om er voor te zorgen dat het er niet als een herhaling van gelijke lengtes uit gaat zien. Begin aan het eind van het platgetrapte gras zodat je de bosjes gemakkelijk over elkaar kan plakken. Andersom moet je ze onder een al geplakt bosje duwen, ik heb dat getest en het bleek niet handig te werken.

gras_02.jpg

Op dezelfde wijze kun je bosjes rechtop in de lijm duwen en die dan in meer verschillende richtingen spreiden, alsof iemand op een pol gras heeft gestaan. Dat geeft weer een ander effect.
Als de lijm goed droog is buig ik de einden van het gras met een pincet in allerlei richtingen. Laat het gras meer over het pad heen hangen. Op de foto zie je vooraan het niet nabewerkte gras en achter het nabewerkte. Vergeet het platgetrapte gras niet.

gras_03.jpg

Bloemen.
Om kleine bloemen te maken gebruik ik hetzelfde soort geverfde papier als voor de rietbladeren. Het voordeel boven gekleurd papier is dat het heel dun is en je de volledige controle hebt over de kleur die je gebruikt. Gekleurd papier verbleekt bovendien sneller.
Om de rondjes uit te stansen gebruik ik ‘beading tools’ met verschillende diameters. Het is een gereedschap waar je bijvoorbeeld ook klinknagels mee kunt maken. Als je een rondje uit stanst krijgt dat één bolle kant. In papier levert dat een holletje op. Dat geeft zo’n bloemetje net wat meer levendigheid.

bloem_01.jpg

Ik gebruik twee manieren om bloemen te maken. Voor de eerste stans ik rondjes uit en die draai ik allemaal om zodat de bolle kant onder ligt. Vervolgens breng ik met een cocktailprikker kleine dotjes houtlijm aan op de toppen van een aantal grassprieten. Met de punt van een scalpel pak je de rondjes op en plaatst ze op een dotje lijm. Bloem 1 klaar. Je begrijpt het al, één bloem is geen bloem. Dus je bent hier wat tijd mee zoet. Met verschillende kleuren en diameters suggereer je verschillende bloemen.

bloem_02.jpg

Er zijn natuurlijk ook bloemen met lange stelen die boven het gras uitkomen, denk bijvoorbeeld aan boterbloemen. Die maak ik op soortgelijke wijze als de bloemen van gele plomp. In dit geval draai ik de rondjes niet om, de bolle kant moet boven zitten. Knip een bosje sisal touw in de gewenste kleur met een grotere lengte dan je gras en leg dat op je werkblad. Pak een enkele stengel op en haal het uiteinde door de houtlijm, het hoeft maar een klein dotje te zijn. Duw dat in het midden van de bolle kant van een rondje. Controleer of het goed zit en leg de bloem voorzichtig te drogen. Als alles droog is pak ik de steel met mijn pincet beet en haal het eind door de houtlijm. Dan duw je de steel tussen het gras en klaar ben je. Nou ja, met die ene dan.

bloem_03.jpg

bloem_04.jpg
 
Jan Coen...heel fraai! Super hoe je die beplanting gemaakt hebt en dat ook met veel illustraties uitlegt. Ik kan het altijd zeer waarderen als mensen met simpele middelen en veel creativiteit zoiets weten te realiseren, zonder direct naar pasklare setjes te grijpen.
 
Dank voor de reacties. Hier is de volgende aflevering.

Figuren.
Op de laatste foto’s waren al een aantal van de figuren te zien, het lijkt mij tijd om ze allemaal voor te stellen.
Een brug met wandelaars leek mij niet het spannendste diorama opleveren. Je bent op zo’n brug kwetsbaar, dat werd het verhaal. Er zijn mensen neergeschoten en dat lokt de reacties uit die in het diorama te zien zijn. De Dragon set: US 29th Infantry division Omaha Beach 1944, vormt de basis. Die viel precies op zijn plek, de poses van deze figuren hebben mede geleid tot de voorstelling zoals hij nu is. De gewonde en het lijk zijn samengesteld uit onderdelen van de Rangers’ set, ook van Dragon.
De figuren zijn in drie groepen geposeerd. Midden op de brug een lijk en iemand die daar overheen springt. Aan de uiteinden de groepen die reageren op de beschieting door dekking te zoeken en terug te schieten ofwel de volgende troepen tegen te houden en de gewonde te redden. Dat lijken mij de logische reacties in deze situatie en die vertellen het verhaal.

dioman_01.jpg

dioman_02.jpg

dioman_03.jpg

Zoals je op de foto’s kunt zien zijn ze niet ongeschonden in het diorama terecht gekomen. Ik heb het een en ander aan ledematen zelf gemaakt en de figuren aangepast en gedetailleerd. De helmen van de Infantry set hebben een vreemde vorm die ik heb aangepast door ze helmnetten en jute strips te geven. Een aantal heeft munitie-bandoliers gekregen en munitie tassen. Aan het eind volgt het onvermijdelijke schilderen.

Compositie.
Om de compositie van het diorama te verduidelijken eerst een paar foto’s van het totaal.

totzij_01.jpg

totzij_02.jpg

totboven_01.jpg

Ik heb dit diorama ontworpen om van alle kanten te kunnen bekijken. Van welke kant je ook kijkt moet het verhaal te volgen zijn. Vandaar de beide groepen aan het eind die elkaar diagonaal spiegelen en in evenwicht houden. Omdat ze ver uit elkaar liggen moet elk van de groepen interessant genoeg zijn om naar te kijken. Samen vertellen ze het hele verhaal. De paadjes, de figuren en de brug zelf leiden het oog naar de andere groepen figuren. Daar wil ik in eerste instantie de aandacht op vestigen. Het moge duidelijk zijn dat ik vind dat de rest van het diorama interessant genoeg moet zijn om op speurtocht te gaan.
Terwijl het diorama zo aan het groeien was bleek het wel een groot plat ding te worden. Het geheel had behoefte aan hoogte. Dan ligt een mooie boom die over het water hangt al snel voor de hand. De keuze voor een plek wordt bepaald door de overgebleven ruimte. De boom en de struik op de oevers dienen nu als een soort afsluiting van de stukken oever. Ze dwingen de blik het diorama in. Al deze zaken zijn natuurlijk niet in een flits van genialiteit ontstaan, ze krijgen vorm terwijl ik aan het werk ben. Het zijn steeds oplossingen voor problemen waar ik tegen aan loop.

Dan rest mij nog om te laten zien hoe ik bomen en struiken maak. Ik ben nu een proef en foto's aan het maken, dus dat is voor de volgende keer.
 
Zeer fraai vignetje Jan Coen!
Het enige wat ik persoonlijk niet had gedaan is het bloed in het water! Ook al is dit mischien wel realistisch het trekt te iets te veel de aandacht!
Voor de rest knap werk!
groet,

Roger
 
Bedankt voor jullie lovende reacties.
Ik wil graag nog iets verduidelijken over de bloedvlek. De springende figuur is het brandpunt van het diorama. Als je diagonalen trekt staat hij vrijwel in het midden. Het is de bedoeling dat hij aandacht krijgt, samen met het lichaam. Hier speelt zich het grootste drama af. Het bloed is een kleuraccent dat is bedoeld om de aandacht te trekken. Het is er om duidelijk te maken dat hier iets verschrikkelijks is gebeurt. En misschien was het inderdaad niet nodig voor de aandacht maar dan toch voor het verhaal.
In het echt is dat bloed een stuk donkerder, en dus minder in het oog springend, dan op de foto. Geef daarvoor de schuld maar aan sRGB en JPEG.
Deze figuren zijn nog gemaakt met Duro. Dat vond ik aan de ene kant prettig werken vanwege de wasachtige kwaliteit en omdat het niet zo verschrikkelijk plakt. Aan de andere kant wordt het nooit helemaal hard, waardoor nabewerkingen als vijlen en snijden minder goed gaan. Tegenwoordig gebruik ik Magic Sculp. Dat wordt keihard zodat ik naar hartelust kan vijlen en kerven. Ik zie vaak dingen die niet naar mijn zin zijn als ik figuren aan het maken ben. Die kan ik dan gemakkelijker aanpassen.

Groet,

Jan Coen
 
Hoi Jan Coen, zoals ik eerder al opgemerkt heb is het allemaal bijzonder fraai en door je uitgebreide uitleg ook heel erg leerzaam. Ik heb nog een lange weg te gaan voordat ik iets kan maken dat min of meer in de buurt komt van wat jij hier voor elkaar hebt gekregen.
Toch is er één dingetje waar ik een beetje moeite mee heb. Vanaf de zijkant gezien viel het me eerst niet op maar op de laatste foto's van bovenaf genomen dacht ik: "de rimpelingen in het water rondom de pontons, klopt dat wel?"
Enerzijds neem ik aan van wel, je research moet wel op orde zijn omdat je aangeeft door fotografie van landschapselementen de realiteit te willen (en kunnen!) benaderen en toch.......wringt het voor mijn gevoel een beetje.
 
Ik vond die golfwerking van op en neer gaande drijvers juist wel geslaagd 🤭
 
Zo zie je maar weer, de beleving van de één is niet die van de ander 😃. Ik weet ook echt niet zeker of die golfwerking er anders uit zou zien in het echt.
 
Ja die golven lijken me ook overtuigend en realistisch! Er wordt immers duchtig gerend over het ponton, deze zal daardoor geheid gaan deinen.
 
Gaaf en dynamisch geheel zo.
Misschien kan je in het water nog iets van inslag spetters maken zodat het nog meer leeft. misschien nog een gedeelte nat van een mortier die in het water is gekomen en wat spetters op de brug geeft veroorzaakt.

Maar het ziet er al super tof uit en het klopt gewoon 🙂
 
Vincent, dat er golven zijn door het rennen en daardoor op en neer gaan van de pontons ben ik met je eens,
Ik had duidelijker moeten zijn!
Ik doel meer op de vorm ervan zoals je die van bovenaf ziet. Zou je in de realiteit niet meer een ovale vorm zien in plaats van een rechthoek met met afgeronde hoeken?
 
Erg mooi Jan Coen,

en het is niet eens een pantser.

De actie is mooi en realistisch weergegeven. Vind de vegetatie ook erg mooi, vooral dat boompje.

👍
 
Bedankt allemaal voor de reacties.
Paul, ik heb me bij het maken van die uitbreidende golven gebaseerd op wat ik op het water zie als ik aan het zeilen ben. En verder op de golftheorie. In principe breid een golf met dezelfde snelheid naar alle kanten. Die afgeronde hoeken heb als logisch gezien, hoeken bestaan in de natuur nauwelijks. Je zou ze onregelmatiger kunnen maken, maar dan raak je het effect denk ik snel kwijt.
Martin, in mijn verhaal is er geschoten. Er staan nog wat van die inslag fonteintjes in het water, maar die zijn niet heel zichtbaar. Een mortiergranaat zou wel veel spetters maken, maar geen slachtoffers omdat er geen scherfwerking is. Hij explodeert immers onder water. Zo'n explosie onder water is nog wel een keer een flinke uitdaging om te maken.

Jan Coen
 
Hi Jan Coen,

Die inslagen zou ik wat groter maken, dan zijn ze beter zichtbaar en voegt meer toe aan de dramatiek,

Mvg,

Vincent
 
Prima uitleg over de golven Jan Coen, dank je wel!
 
Ik ben weer een stuk verder met de uitleg. Dat had wat meer voeten in aarde dan gedacht. Maar hier is het vervolg.

Bomen en struiken.
In het boek ’Terrain Modelling’ van Richard Windrow staat een methode om bomen te maken met ijzerdraad. Door ijzerdraad te bundelen en te omwikkelen ontstaat de basis voor de boom. Ik vond het resultaat erg fraai maar te grof voor de kleine bomen en struiken die ik wilde maken. Ik heb de methode aangepast door veel dunner koperdraad te gebruiken. Dat geeft een gladder oppervlak en je kunt er dunnere takken mee maken.
Voor het diorama heb ik een bestaande boom als voorbeeld genomen. Wat me hier vooral aansprak was de grillige vorm van de takken. Dat leek me gewoon een leukere uitdaging. Deze boom is opgebouwd uit meerdere delen. De onderkanten zijn samengevoegd tot een stam. Dat is ook ingegeven door het feit dat de stam er uit ziet alsof er takken aan elkaar zijn gegroeid.

boomvb_01.jpeg

boom_01.jpgboom_02.jpg

Bomen en struiken zijn zeker een uitdaging. Het lijken solide objecten, maar tegelijkertijd kun je er door heen kijken. De bladeren zitten hoofdzakelijk aan de buitenkant van de boom waar ze de meeste zon krijgen. Eigenlijk is het een geraamte van takken waar bladeren op zitten. Dan ligt het voor de hand om dat in het klein na te bouwen. Ik begin dus met de stam en de takken. Afhankelijk van de soort boom verschilt dat takkenstelsel van vorm. De winter is bij uitstek geschikt om dat te bestuderen. Ik laat hier een paar voorbeelden zien van een grote wilg en jonge eiken. Zoals je ziet groeien de takken van een wilg meer in de hoogte en die van een eik in de breedte. Dat is uiteindelijk van invloed op de vorm van de boom als er blad op zit. Ik vind dat realisme begint met het goed bestuderen van de werkelijkheid.

boomvb_02.jpg

Voor het voorbeeld heb ik een jonge beuk als uitgangspunt genomen. Ik dacht die snel te maken vanwege de relatief simpele vorm. De werkelijkheid bleek zoals vaker anders. Hieronder een voorbeeld. Ik heb ook foto’s van internet bekeken voor de variant met bladeren.

boomvb_03.jpg

boombouw_01.jpg

Zoals je op de foto kan zien gebruik ik kabel met hele dunne draden. Die draai ik stijf in elkaar om de stam te maken. De takken van de boom in het diorama bleken door hun lengte wat te slap te worden. Die moest ik later met draad bij elkaar houden. Dus laat ik hier de aangepaste methode zien met een dikker stuk koperdraad in de stam om extra stijfheid te krijgen. Voor een boom zoals in het diorama doe je dan een aantal koperdraden in de stam die doorlopen in de dikke takken.
Splits een deel van de streng koperdraad af om takken te maken. Draai stijf in elkaar, splits en herhaal tot je tak klaar is. Beuken hebben net als eiken horizontale takken met een breed plat bladerdek. Zo maak je de takken voor de boom dus ook. Het takkenstelsel hoeft niet volledig te zijn, de hoofdstructuur volstaat als drager van het bladerdek. Een kale winterboom lijkt me nog wel eens een uitdaging.
Als de boom klaar is doe ik hobby-lijm op de onderkant en bij de aanhechtingen naar de takken om alles te stabiliseren. Het prettige van metaaldraad is dat je het gemakkelijk in de vorm kunt buigen die je wilt. Dat kan ook nog na het schilderen en zelfs tijdens het aanbrengen van de bladeren.

boombouw_02.jpg

Beuken hebben een heel gladde bast, je hoeft dus geen structuur aan te brengen. De boom is eerst geverfd met Gesso, dat is een dikke grondverf om schildersdoeken mee te prepareren. Die heb ik liggen, maar een dikke witte muurverf zal ook werken. Hiermee wordt een deel van de fijne structuur opgevuld, maar de witte kleur laat vooral goed zien waar de oneffenheden en dergelijke zitten die weg gewerkt moeten worden. Ik had hier netter kunnen werken zie ik achteraf.

boombouw_03.jpg

De stam is vervolgens glad gemaakt/opgevuld met paperclay maar je kan daar elke zelfhardende klei of putty voor gebruiken die je wil. Je kan de stam eventueel nog bijschuren als dat nodig is. Voor een bast met structuur breng je een dikkere laag paperclay o.i.d. aan, waar je die structuur in maakt.
Voor de kleur heb ik foto’s als referentie gebruikt. Op de foto hieronder zie je dat de beuk meer een grijs- groene dan een bruine kleur heeft zoals de dennen erachter.

boomvb_04.jpg


In dit geval heb ik de stam geschilderd met een vrij lichte combinatie van witte Gesso, rauwe omber en permanent sap green. Die kleur bleek te lichtgroen uit te vallen dus daarna is er een sterk verdunde laag rauwe omber over gezet. Het voordeel van afwerken met transparante lagen is dat het een mooie diepte en rijkheid van kleur geeft. De onderlagen blijven er door heen schemeren. Uiteindelijk blijf ik net zo lang klooien tot ik tevreden ben. Mocht het helemaal verkeerd uitpakken dan smeer ik er een nieuwe grondlaag met Gesso over en begin opnieuw.

boombouw_04.jpg

Wordt vervolgd.
 
Ik had wel eerder struiken gemaakt, maar was over het resultaat eigenlijk nooit helemaal tevreden. Het probleem was altijd de bladeren. Tot de ontdekking van Mininatur, dat zijn een soort matjes met bladeren erop. Ze zijn ongeveer een centimeter dik. Dat geeft je bladermassa volume. LInks op de foto zie je een grote verpakking en rechts een kleine. Ze zijn er voor de echte grootverbruiker nog groter. Die kleine zijn om eens uit te proberen prima. Als je een boompje zoals deze gaat maken heb je al gauw meer nodig. De grote verpakking is bovendien goedkoper per oppervlakte. Er zijn verschillende boomsoorten en jaargetijden te krijgen. Voor het aanbod kun je het best een keer op hun site kijken. Ik ga hier zomer beukenblad gebruiken.

boombouw_05.jpg

Dan rest nog om de bladeren aan te brengen. Daarvoor knip ik stukjes van een matje Mininatur af, die ik over de takken van de boom schuif. Soms moet zo’n stukje bladeren wat uit elkaar getrokken worden of geknipt om ze goed om de takken te rijgen en langs zijtakken. De blaadjes die loskomen van het matje gebruik ik later om eventuele kale plekken op te vullen. Ik laat de volgorde zien met een losse tak, dat is gemakkelijker en duidelijker. Waarom die tak er is wordt later wel duidelijk.

boombouw_06.jpg

boombouw_07.jpg

Ik begin meestal met een langer stuk over het midden van de tak, gewoon de hele dikte van het matje. Dan vul ik de rest van de takjes. Dat kan met dikke stukjes zoals de eerste of met horizontaal doorgeknipte stukjes. De meeste bladeren zitten aan de boven- en onderkant van het matje. Die dunnere stukken gebruik ik vooral aan de buitenste takjes. Ik lijm de bladeren pas vast als ik op een deel heb uitgeprobeerd hoe de stukken Mininatur het best werken. Het is een beetje een puzzel die je aan het maken bent. Bij een kleine boom als in dit voorbeeld doe ik dat in de hele boom tegelijk, net waar een genipt stukje het beste past. Die raakt dan langzaam gevuld met bladeren.

boombouw_08.jpg

Zoals je ziet blijven er gaten in het gebladerte zitten. Die ga ik nu opvullen met extra stukken Mininatur. Niet alles moet vol zitten, dat is in werkelijkheid ook niet zo. Soms zie je de draden van het matje allemaal parallel lopen, dat camoufleer ik met stukjes die dat beeld doorbreken. Ik trek de geknipte stukjes soms uit elkaar om een dunnere laag te krijgen om ergens op te plakken.
Dan volgt het vervolmaken van de takken. Op de foto hieronder heb ik wat van die gebieden omcirkeld. Ik let op plekken waar geen bladeren zitten en vooral op de uiteinden van de takken. Het moet er natuurlijk eindigend uitzien, niet afgeknipt. Vergelijk beide foto’s en zie hoeveel verschil wat losse blaadjes aan het eind van een tak maken. Rechte stukken zijn eigenlijk uit den boze, die werk ik bij zodat ze er natuurlijk uitzien.

boombouw_09.jpg

Het bovenstaande doe ik voor de hele boom. Net zolang tot ik tevreden ben. Na elke sessie met blaadjes kijk ik goed naar het resultaat om te bepalen of er nog iets aangepast moet worden. Dat kan ook de stand van de takken zijn. In dit geval begon het me op te vallen dat er erg grote gaten tussen de takken zitten. Dat roept om meer takken en geeft mij de mogelijkheid om wat ideeën uit te proberen. Maar dan eerst nog wat takken maken, waaronder die uit de eerdere foto’s. In de foto hieronder is de boom gedeeltelijk bijgewerkt.

boombouw_10.jpg

taklos_01.jpg

Het eind van de tak is niet in elkaar gedraaid, het verticale deel lijm ik tegen de stam en de dunne horizontale stukjes lijm ik om de stam voor de stevigheid. Eerst een klein tipje superglue om hem op zijn plaats te lijmen, dan de horizontale stukjes ook met superglue. Ik probeer alles zo vlak mogelijk te houden zodat er geen gigantische bobbels op de stam ontstaan. Dan smeer ik er nog hobbylijm overheen om alles goed vast te zetten. De afwerking is hetzelfde als eerder, indien nodig paperclay en vervolgens Gesso en verf. Tot mijn grote genoegen werkt deze methode prima. Dus kan ik nu los met de rest van de takken. In de foto’s hieronder zie je hoe ik de takken bevestigd heb.

boombouw_11.jpg

Tot zover ben ik gevorderd. Ik zal nog wat verder pielen aan dit boompje en dan laat ik hier nog wat foto's zien.

Jan Coen
 
Mooi zo die stap voor stap uitleg! Die matjes zien er goed uit.
 
Wederom: dank je wel! Ik was wel op de goede weg met mijn bomen en struiken maar in plaats van "een aardig struikje" kan ik nu misschien "een mooi struikje" gaan maken.

Misschien is het een idee om ook de titel van dit draadje aan te passen omdat er zo veel meer beschreven wordt dan alleen het diorama van de titel?
 
Terug
Bovenaan